Ik heb geen zin om op te staan

Nogal ongemakkelijk ga ik soms op pad. Of ik nu ver moet reizen of niet, ik heb van die start momenten waarop ik niet verder kom dan de drempel.  Het is dan eigenlijk een stukje wat ik altijd mooi vind in een nummer van de Nederlandse groep HET. Ik heb geen zin om op te staan, ik zit aan tafel of op de bank of lig zoals ze zingen nog in bed.

Eenmaal opgestaan pak ik mijzelf dan op en ga gewoon op pad.
Moet ik wat verder weg dan is de gemeentegrens voldoende om alles achter te laten en gezellig het onbekende van de dag tegemoet te treden. Vaak is de drempel van het huis overstappen al genoeg. Het is een vreemd fenomeen van onzekerheid, twijfel of gewoon luiheid. Ik kan daar overigens ook heerlijk van genieten. Beurzen, vakantie of ander zakelijk gereis het blijft hetzelfde.

Ik reisde zakelijk een aantal keren naar Antwerpen, het universiteitsziekenhuis, en belandde zoals vaker op de ring van Antwerpen in het dilemma van de keuzes van de afslag. Moet ik nu hier rechts of nog even in het midden blijven rijden of toch links voorsorteren.

Voor de persoon waarvoor we de reis ondernamen was het toch al een vreselijke onderneming dus vooral opletten en vertrouwen op jezelf. De meeste keren ging dat wel goed maar er was ook een moment waarop dat toch misging. Dan lom je plots Antwerpen binnen terwijl je op de afspraak moet zijn die niet zo heel veel tijdspeling heeft.

Op zo een moment werkt mijn richting gevoel wel en rustig sturend door de stad georiënteerd op de richting van de buitenwijk waar het universiteitsziekenhuis staat  doorkruis ik de gevarieerde bebouwing. De stad ziet er leuker uit dan de omgeving van de ring. Naast me een gestresseerde mens die al heel veel last heeft van de reis en ook nog een eens geconfronteerd wordt met de schrik van het tijdslot wat er is vanwege de afspraak.

De professor die we bezoeken heeft een beperkte tijd qua afspraken dus de stress hormonen gieren door de auto. Rustig en ontspannen bekijk ik de gevels die in een niet aflatende tijdsmarkering als aaneengeregen eeuwen elkaar afwisselen net als de verkeersborden die mij telkens doen afvragen waar ik ben. Rustig en gemoedelijk zoals België is rijd ik op mijn doel af met een steeds groter wordende stresstest naast mij die geheel ontmoedigt zijn terechte beklag doet vanwege de toenemende druk  die al zijn klachten doen verergeren.

In de rust die ik blijf betrachten wijs ik op de borden die ons steeds dichter bij ons  doel brengen en jawel ziedaar het laatste bordje met het juiste aantal minuten nog over om gerust op tijd te arriveren. Zoals in het natuurlijke proces van wachten op artsen in een ziekenhuis hebben wij voldoende tijd over om in de wachtruimte plaats te nemen.

Het ziekenhuis is iets meer dan een standaard plek van afdelingen die aan elkaar geritst worden. Het vormt op dat moment een bouwplaats en ziekenhuis ineen, naast de artsen, verplegers, cliënten en andere bezoekers wordt de gang bevolkt door tal van apparatuur die ingezet kunnen worden ter onderzoek en constructie. Gedurende de gesprekken en onderzoeken en behandelingen is het geluid van de bouwvakker met zijn apparatuur luid en duidelijk aanwezig.

De wachtruimtes en gangen vullen zich per verdieping met de mens die om hun eigen reden daar aanwezig is. Niet logisch aanééngeregen afdelingen die geteisterd door de meest vreemdsoortige apparatuur betrekken aan mijn geestesoog voorbij terwijl mijn focus is gericht op de begeleiding van mijn gestresste patiënt die al geheel overmand door de reis overweldigd wordt door de situatie van het moment.

De rust keert weer als de gesprekken zijn gevoerd, de metingen zijn gedaan en de behandeling duidelijk is. In voorbereiding op de verwerking keren we langzaam terug naar aarde waar op de begane grond de restauratie is. Het restaurant biedt de uitkomst om bij te komen voordat weer opnieuw de reis aangevat kan worden naar het andere Zwijndrecht dat wij al hadden gezien. Het restaurant biedt een keur van producten. Broodjes maar ook warm eten, koffie en thee of chocomelk koude dranken maar ook soorten bier. Iedereen is welkom in het restaurant waar bouwvakker naast patiënt en bezoeker plaatsneemt net als artsen en verplegers.

De bouwvakker neemt plaats met zijn biertjes, ook al is het nog ochtend, aan de tafel die ik vanuit het meest rustige plekje in de hoek kan waarnemen. Gemoedelijk zit hij daar met zijn maten pauze te houden tussen de gestresseerde klanten van deze restauratie. Juist de ontspanning van het moment maakt het prettig om de wereld van bouw en genezing zo waar te nemen. Voor mij is het kopje koffie een genoegzaam opwekkend product om in rust even te bedenken hoe we op de snelste manier terug gaan naar de snelweg die ons over de ring richting Holland leidt.

Zonder al te veel lijden lukt het om weer in Zwijndrecht aan te landen en terug te kijken op het moment en het gevoel wat ik kan hebben als ik op pad mag. Veel leuks is er te zien als je onderweg bent, veel rust is er als je weer thuis bent, veel speelt er in het hoofd van de persoon die onderweg van Antwerpen en vice versa bezig is met zijn beslommeringen.
Voor mij is de gemoedelijkheid van België wat die dag de beloning levert en het beeld van de stad die ik anders op die manier niet had bekeken.